- 150 gr. amarantzaadjes
- snufje fijn zeezout
- 450 ml water
- 120 ml amandelmelk
- 4 eetl. kokosrasp of schaafsel
- 1/2 theel. kaneel
- 1 eetl. kokosolie
- 4 pruimen, in plakjes
- 1 eetl. ahornsiroop
Week de amarant min. 30 minuten (maximaal 8 uur) in koud water. Giet af en laat uitlekken. Doe de amarant, zout en water in een pan met zware bodem. Leg het deksel erop. Breng aan de kook en draai meteen het vuur laag. Laat 20 minuten sudderen, of tot de pap romig is.
Bak ondertussen de pruimen. Verhit de kokosolie in een koekenpan op middelhoog vuur. Leg de pruimen erin, schenk de ahornsiroop erbij en bak een paar minuten. De pruimen moeten zacht worden en een zoete geur verspreiden.
Haal de amarantpap van het vuur en laat 5 minuten rusten. Als de pap iets gestold is, roer je de amandelmelk erdoor tot de pap zo romig is als je wilt. Gebruik de rest van de amandelmelk voor het opdienen. Schep de pap in kommen en maak af met de warme ahornpruimen, kokos, een scheutje amandelmelk en wat kaneel.
Bron: The Green Kitchen Travels
