Voldoende voor een bakvorm van 20-23 cm:
- 200 gr bloem (of half volkorenmeel, of helemaal)
- 1/2 theel. zout
- 100 gr. zachte boter
- 2-3 eetl. water
Dit deeg is gemakkelijk in de keukenmachine te maken: meng de bloem, het zout en de boter goed met de deegHAAK. Voeg het water toe en meng opnieuw.
Of doe het handmatig. Zeef de bloem en het zout boven een kom. Zeef ook volkorenmeel zoveel mogelijk en voeg dan de inhoud van de zeef weer toe. Door het zeven komt er lucht in het meel. Wrijf de boter met je vingertoppen door het meel en til het mengsel steeds hoog uit de kom om zoveel mogelijk lucht erin op te nemen, waardoor het deeg licht wordt. Ga door tot het deeg eruitziet als fijne broodkruimels; voeg beetje bij beetje het water toe en druk het deeg met je vingertoppen samen.
Bestuif het werkblad met bloem en kneed het deeg 1-2 minuten lichtjes, tot het glad is. Wikkel het deeg in plasticfolie of bakpapier en laat het 30 minuten rusten in de koelkast.
Voordat je het deeg uitrolt, druk je het je handen al lichtjes in de gewenste vorm: rondje, ovaal of rechthoek. Rol het uit op het met bloem bestoven werkblad met lichte gelijkmatige slagen van de deegroller.
Bron: Rose Elliot
