- 1250 gr. varkensschouder met bot of varkenslappen
- 2 uien
- 1 rode peper
- 2 teentjes knoflok
- 1 cm gember
- 3 theel. 5-kruidenpoeder
- 2 theel. gemalen koriander
- 2 steranijs
- half blokje goela djawa (of bruine basterdsuiker)
- klein scheutje vissaus
- klein scheutjes rijstwijnazijn
- 4 eetl. zoete ketjap
- water of bouillon
- peper
Snijd ui, knoflook, gember en peper fijn. Bak het vlees aan in wat olie. Bestrooi tijdens het bakken met peper. Haal het vlees uit de pan zodra het aan alle kanten bruin gebakken is.
Bak de ui, gember en peper aan in het bakvet van het vlees. Laat dit een paar minuten op halfhoog vuur bakken.
Voeg dan alle specerijen en de knoflook toe. Laat dit een minuutje meebakken. Voeg dan de rijstwijnazijn, vissaus, ketjap en goela djawa toe. Wees voorzichtig met de vissaus, deze is vrij zout. Je kunt beter later nog wat toevoegen mocht dat nodig zijn. Doe er nog een kopje water bij en breng de saus aan de kook in een ovenbestendige stoofpan. Wij gebruiken de stoofpan van Le Creuset, die kan in de oven.
Doe vervolgens het vlees weer terug in de pan. Het vlees moet ongeveer voor de helft onder staan in de saus, als dit niet zo is kun je nog een beetje heet water toevoegen. Breng de saus weer aan de kook en laat 2 tot 3 uur, op laag vuur, zachtjes stoven in de oven op 120°C. Zodra het vlees gaar is kun je de saus verdikken. Haal het vlees en de steranijs uit de pan en pureer de saus met een staafmixer. Laat heel even doorkoken en voeg dan het vlees weer toe. Proef de saus, en voeg eventueel nog wat zout (of vissaus) en peper toe.
Bron: Koks in Frankrijk
