- 400 gr. kipdijfilet
- 3 eetl. kokosmelk
- 2 eetl. ketjap manis
- 2 teentjes knoflook, geperst
- 2 cm gember, geraspt
- 1 limoen (alleen rasp)
- 2 theel. komijn
- 2 theel. kurkuma
- 1 eetl. bruine basterdsuiker
- zout
Simpele pindasaus:
- 5 volle eetl. pindakaas (125 gr)
- 125 ml. water
- 2 eetl. ketjap manis
- 1-2 theel. sambal badjak
Leg de satéstokjes alvast in koud water tegen het verbranden. Meng de ingrediënten voor de marinade. Snij de kip in dunne repen, schep erdoor en laat 1 uurtje marineren. Rijg de gemarineerde kip al zigzaggend aan de satéprikkers.
Pureer alle ingrediënten voor de pindasaus met een staafmixer en breng al roerend in een steelpan aan de kook. Laat hooguit 1 minuut pruttelen. Proef op pittigheid. Te dik? Scheutje water of ketjap erbij.
Verhit de barbecue of grillpan. Laat gloeiend heet worden. Geen olie gebruiken, want dat gaat walmen. Bak de kipsateetjes al omdraaiend een paar minuten tot ze gaar zijn.
Lekker met atjar ketimoen: meng 1 komkommer in halve maantjes met een rode ui in dunne plakjes en wat ringetjes rode peper. Verwarm 100 ml. wittewijnazijn (of rijstazijn) met 50 ml. water, 1 volle eetl. suiker en een snuf zout. Giet over de komkommer en laat liefst een nachtje intrekken.
Serveer met wat gebakken uitjes erover.
Bron: Karin Luiten
