- 300 gr. rabarber
- 100 gr. suiker
- 3 blaadjes gelatine
- 300 ml. slagroom
- 1 zakje vanillesuiker
Maak de rabarber schoon en snijd de stengels in stukjes van 3-4 cm. Breng de rabarber met 50 gr. suiker en 75 ml. water tegen de kook. Draai het vuur laag en stoof de rabarber in 10-15 minuten tot moes. Schenk de moes met het vocht in een hoge maatbeker en pureer. Meet 175 gr. rabarberpuree af. Week de gelatine 5 minuten in een kom met ruim koud water.
Los intussen in een steelpan op laag vuur de resterende 50 gr. suiker en de vanillesuiker op in 100 ml. slagroom. Breng de room tegen de kook en haal van het vuur. Knijp de gelatine uit en los op in de warme room. Meng de rabarberpuree erdoor en laat afkoelen tot kamertemperatuur.
Zet de steelpan in een bak met ijskoud water. Laat het mengsel in zo'n 15 minuten verder afkoelen tot het lobbig wordt. Roer af en toe. Klop 200 ml. slagroom bijna stijf. Spatel de slagroom door het lobbige rabarbermengsel. Spoel 4 puddingvormpjes (van 150 ml) om met koud water. Schenk het rabarbermengsel erin. Zet minstens 3 uur in de koelkast om op te stijven.
Houd de vormpjes 3-4 tellen in een kom met heet water. Leg op elk vormpje een bord en keer ze om. Verwijder de vormpjes en schep, als je overhebt, nog een beetje rabarberpuree over de puddinkjes.
Variatie: vervang het warme deel van de slagroom door kokosmelk en bestrooi de puddinkjes met geraspte kokos voor een oosters accent.
Bron: Janneke Philippi
