Voor 4 personen:
- 500 gr. rabarber (ongeschild)
- 250 ml. slagroom
- 250 ml. karnemelk
- 75 gr. suiker + 2 eetl. extra
- 3 blaadjes gelatine
- 1/2 sinaasappel of 1 mandarijn
- optie: 2 cm gember
Verwarm de oven voor op 200 graden. Leg de gelatine in een bak koud water. Haal de karnemelk alvast uit de koelkast.
Snijd de rabarber in stukjes van 3 cm. Doe in een ovenschaal en voeg 2 eetl. suiker, rasp en sap van sinaasappel of mandarijn plus wat gemberrasp toe. Hussel en zet 15-20 minuten in de oven tot de rabarber zacht is, maar niet pruttig. Weeg meteen 125 gram af en pureer dat met de staafmixer. Laat de rest afkoelen.
Doe de slagroom en 75 gr. suiker in een steelpan en breng al roerend aan de kook. Knijp de gelatine uit en roer van het vuur af erdoor tot ze opgelost zijn. Roer ook de rabarberpuree en de karnemelk erdoor. Spoel 4 mooie serveerglazen uit met koud water. Giet het mengsel erin. Laat even op kamertemperatuur komen en zet dan minstens 2 uur in de koelkast om op te stijven.
Serveer in de glazen of stort op een bord (laat bij storten 3 uur in de koelkast). Garneer met de rest van de rabarber.
Bron: Karin Luiten
