- 16 plakjes bladerdeeg
- 2 appels, in kleine stukjes
- 150 gr. ontpitte kersen (uit de diepvries, niet uit pot!!)
- 3 eetl. suiker
- 1 theel. kaneel
- 1 eetl. custardpoeder
- 1 eiwit
- 75 gr. fijne suiker
- 75 gr. amandelschaafsel
Meng appel, kersen, suiker, kaneel en custardpoeder.
Steek met een ronde uitsteker 16 ronde plakjes uit het bladerdeeg. Plaats 8 cirkels op een met bakpapier beklede bakplaat en verdeel de appel-kersenvulling erover. Laat de randen vrij. Rol de overige cirkels op een licht bebloemd werkblad iets groter zodat ze over de vulling heen passen. Maak de randen van de onderste plakjes licht vochtig met water en bedek de vulling met de andere plakken. Druk de zijkanten goed dicht met de tanden van een vork. Laat een half uur rusten voor ze de oven in gaan.
Verwarm de oven voor op 200 graden. Klop het eiwit los in een kom. Meng het eiwit met de suiker en het amandelschaafsel en verdeel dit mengsel over de kanjers. Bak ze in 25-35 minuten goudbruin (boven/onderwarmte) en laat ze afkoelen op een rooster. Bestuif met poedersuiker en serveer.
Bron: Rutger bakt
